Advertenties / Onze sponsors Geen ads!


Alleen in Groningen - deel 2

Dit is een verhaal uit de categorie Misc.
Bang vroeg iemand mij. Nee bang was ik niet toen ik 17 jaar was. Opgegroeid nabij de Waddenzee vervaagd angst. Lopende over de slikken, steeds beducht voor de macht van het water is angst een slechtste vriend. Het liefste sliep ik in mijn slaapzak op het kerkhof. Soms dat een radje of een klein roofdier even bij je kwam kijken. Een Eekhoorn, vogel, die even je rust verstoorde. Samen zijn met een man, daar had eveneens geen enkele moeite mee. Ook de eerste keer niet. Het voelde alsof een fallus voor de eerste keer in mijn schede werd opgeborgen. Net een dolk, degen zwaard in een schede. Dat zwaard vond ik boeiend ook om te voelen. Die pijn zette ik niet om in pijn maar in genot. Net als ik soms koude niet wilde voelen. Of regen, wind. Ik hield ervan dat regen en wind mijn naakte lichaam striemde. Warmte kan net zo dodelijk zijn dan koude kilte. Ik had niet zoveel met diegene die je doodknuffelden. Mijn lange goudblonde haren slanke jongensachtige lijf soms worden aangesproken als kan ik u helpen juffrouw; gaf het engelachtige beeld. Ik stelde mij voor dat Maikel hetzelfde heeft gehad als jongen, wellicht ook daarom was uitgekozen hogere officieren te dienen. Ik kon heel goed een richting bepalen om naar Normandie te kunnen komen. Maar zou allereerst de weg willen gaan door de Belgische Ardennen. De kracht van het water kende ik wel de macht van de wouden bossen bergen leerde ik kennen. Je kon makkelijk verdwalen wellicht dagen later weer op de juiste koers terecht komen. Maar mijn kleine kompas hield mij feilloos op het juiste pad. Met een soort veldfles broodtrommel zittende op een boomstam op eenboom die net geveld was maar in ringen honderden jaren op die plaats had gestaan keek hij op mij neer. Hij grinnikte avonturier jongeman hoorde ik hem zeggen. Uren had ik gelopen door het woud. Wist dat ze hier maanden hadden gevochten voor elke meter. De boom was zo groot en dik dat hij op vervoer wachtte. Van deze omvang kon maar een tegelijk uit het bos worden weggehaald. Hij gaf mij zijn veldfles aan met warme koffie. Ik nam een slokje bedankte hem. Hij liet zichzelf van de boom glijden met de bedoeling nader kennis met mij te maken. Hij was een kop groter dan ik was. Gespierd zo in de twintig. Ik bleef staan kijken hoe hij zijn broek opende zo in mijn gezelschap begon te plassen. Ik keek naar zijn fallus vond het boeiend hoe en hoelang hij bleef staan plassen. Ik wende mij niet af maar bekeek juist zijn fallus. Hij glimlachte dat ik naar hem keek het boeiend vond. Een Hollander toen ik hem vroeg of ik de juiste richting liep aanwees op mijn kaart. Ja, ja u gaat juist. Allee ge moge hem vatten. Ik glimlachte kwam naast hem staan bekeek zijn fallus. Mijn hand klemde om zijn fallus, glimlachend masturbeerde ik hem. Zag hoe hij opgewonden was, meer raakte. Rustig hem aankijkende zwijgend bleef ik hem masturberen totdat hij schokte gelijk ejaculeerde met zoveel kracht dat ik verbaast was waarmee zijn zaad wegspoot. Ik bleef even kijken, maar verdween waarop de man mij achterna riep, ja ja die kant op. Bedank hee. Ik maakte een gebaar geen moeite. Steeds dacht ik wel aan de enveloppe die ik had gekregen van de zwarte officier waarmee ik de nacht had doorgebracht mij tevens het manuscript leende die ik aan hem terug moest brengen. Maar ik opende hem niet eerder dan dat ik iets nodig zou hebben. In de stilte nam ik het manuscript en begon verder te lezen bij pagina dertig.

Ik keek op een klein dorpje uit zat tegen een boomstam aan in de zon. Ik was niet moe maar hoefde eventueel ook niet verder te lopen als ik dat niet wilde. Ik hoorde niets dan alleen geluiden van de wind, vogels of dieren. Ik concentreerde mij op het handgeschreven manuscript. Zo begaan met zijn dode vrienden voornamelijk leeftijdgenoten die hij min of meer in de avond aflegde. Waste, beroerde, bekeek ook dat beschreef. Ik dacht aan de boom die net was geveld. Steeds legde Maikel als hij een van de soldaten had ontkleed hun verwonding had bekeken zijn hand op hun hart. Misschien wilde hij weten of ze schijndood waren. Maikel beschreef niet bang te zijn voor de dood. Maar hoe meer ik mij verdiepte in zijn verhaal, vond hij de mannen die hadden gevochten in opdracht van hun leider de President van de Verenigde Staten van Amerika, niet alleen dappere jongens, maar begon hij ook van hun te houden. Van een afstand had hij die dag een Duitse soldaat zien vechten. Met zoveel fanatisme zo verbeten. Hij wilde blijkbaar geen meter grond prijsgeven. Waar ook voor hem duidelijk moet zijn geweest de overmacht waartegenover hij stond. Hij schoot in het wilde weg. Woedend. Geallieerden soldaten schoten niet terug. Blijkbaar kon hij niets winnen, hield de troepen niet op. Maikel bleef staan kijken hoe de Duitse militair uiteindelijk werd overmeesterd. Toen pas naderde hij wilde de man hebben. Ik keek op, zag een soort wandelstok liggen. Ik stond op legde het manuscript even weg, bekeek de stok. Hij was een uit een tak gemaakte wandelstok, waar tal van tekens in waren gekerfd. Hij was prachtig eigenlijk. Het leek wel dat iemand steeds ui verveling de stok had gemaakt. Misschien een soldaat die op deze plaats misschien vele dagen had gelegen. Ik vond de stok prachtig dus eigende ik hem nu toe. Het manuscript was maar een bladzijde omgeslagen misschien door de zachte wind. De jongen had een zinloos verzet geleverd. Behoorde tot de Hitler jeugd. Maikel nam de jongen over, voerde hem weg het bos in. Zijn sluike blonde haren keurig geknipt kort ordentelijk ontdeed hij van de helm. Hij gooide die weg. Met een gericht schot had een scherpschutter de jongen kunnen uitschakelen. Toen was de jongen niet bang geweest. Nu Maikel hem door het bos wegleidde wel. Alstublieft, alstublieft had hij gesmeekt. Hij was in wanhoop, dacht wellicht dat hij nu terecht zou worden gesteld. Maikel nam alle bezittingen tot hem. Hans vroeg Maikel. Jawel had de jongen geantwoord. In een droge sloot ging Maikel zitten stelde de jongen tegenover hem. Het moet dus zomer geweest zijn. Weinig regen zijn gevallen. Onttrokken aan het zicht van anderen bleef Maikel naar de jongen kijken. Strak aankijkend, bestudeerde de bezittingen van de soldaat. Nadat hij de jongen had uitgekleed, die zoals Maikel beschreef in onderbroek en hemd voor hem zat, bestudeerde Maikel de doorvoede jongen. Zestienjaar Hans. Iets wat hij erbij had gekrabbeld, wellicht een datum plaatsaanduiding. De jongens moest over zijn knie gaan liggen. Nee ik gaf hem geen pakslaag, maar zat ruim een halfuur met de jongen stil over mijn knie, zijn billen te strelen. Daarna schoof ik heel langzaam zijn onderbroek naar beneden. Bestudeerde zijn prachtige blanke jongensbillen. Voordat ik zijn onderbroek uittrok, wond het mij op om Hans zo bij mij te houden.

"Ik keek naar de strak-blauwe-lucht. Het koste veel inspanning om het manuscript goed te lezen. Maikel was helemaal geen blanke jongen uit Texas schoot het door mijn hoofd. Maikel was een Amerikaanse neger. De Duitse jongens kenden geen negers. Waren daarom misschien angstig, maar ook heel onderdanig geweest.

Nadat hij Hans zijn hemd had uitgetrokken de jongen naakt over zijn knie lag duwde hij zijn billen uit elkaar. Ik vond het wonderlijk zo prachtig en ongeschonden de jongen zijn anus zo ongerept te bewonderen. Ik bracht mijn tong tussen zijn billen begon de jongens zijn aars rustig te likken. Het proefde wonderlijk niet smerig. Toen pas hoorde ik Hans zacht snuiven. Steeds dieper likte ik de jongen zijn aars. Ik voelde de zwelling van de jongen zijn fallus. De jongen kreunde zachtjes. Ik streelde zijn rug. Zijn schouderbladen als een jongen de smalle nek. Met mijn vinger gleed ik langs de welving van zijn billen en benen. De rond gevormde jongens billen voelde zacht aan. Ik bewonderde zijn aars. Bleef die likken proefde het ook een ziltige smaak van zijn billen. Rustig bewoog Hans. Hij snoof kreeg gevoelens die hij blijkbaar nog nooit eerder had gevoeld. Voor mij onverstaanbaar vroeg de jongen iets. Toen ik hem omdraaide keek de jongen weg. Zijn fallus was gezwollen. Ik betaste met mijn vinger zijn kleine ronde ballen. Bekeek de fallus die zo prachtig tussen zijn benen stond. De eikel die net uit zijn holletje stak. Het prachtige kopje met het kleine pisgaatje. Het wollige blonde schaamhaar dat boven zijn fallus sierlijk donzig markeerde. Zijn kleine navel, blanke zachte huid. De jongen schaamde zichzelf overduidelijk door mij niet aan te kijken. Doodstil bleef de jongen zo liggen. Ik speelde met mijn vingers over de jongen zijn fallus. Bekeek elke siddering elke reactie. Mijn vinger die over zijn buik speelde. Waar hij niet tegen kon reageerde. Ik proefde de ziltige smaak van zijn zaad in mijn mond. Op geen enkele manier had Hans zichzelf zonder emotie getoond. Zacht had Hans nadat ik mijn vinger op mijn mond had gelegd, zodat Hans niet te luid zou zijn, zacht gehijgd, gekreund door zijn neus gesnoven. Korte snelle ademstoten hadden verraden dat hij snel zou ejaculeren. Zijn zaad het grootste geheim zou prijsgeven zodat ik het kon proeven. Alleen de opwinding van de jongen te zien. Zijn stuwen hijgen snuiven al die reacties hadden mij opgewonden. He zou voldoende zijn geweest maar de rouwe schreeuw van de jongen door het stille bos gaf die extra dementie van samenzijn. De jongen had zelf eerst een geschikte plaats uitgekozen in de droge sloot. Was gaan liggen. Keek eerst angstig naar mijn gezwollen fallus. Maar accepteerde dat hem niks anders te doen stond dan rustig te gaan liggen. De korte rauwe schreeuw had hij niet kunnen onderdrukken. Toen hij zichzelf totaal overgaf stuwde hij zijn billen omhoog. Daarna bleef ik bij hem zitten kijken. De jongen glimlachte dat hij het niet erg had gevonden blijkbaar. Ik had hem eventuele latere traumatische achtervolgingen van een vernedering kunnen besparen, maar juist dat wilde ik niet. Hij zou meedragen hetgeen ik meedroeg. Al mijn vrienden niet meer voelden wat hij kon blijven voelen. Gedwee liep hij naast mij naar het kamp waar al zijn kameraden waren heengebracht die gevangen waren genomen. Hans keek mijn weemoedig aan. Wilde misschien het liefste bij mij blijven. Maar ik hield hem niet vast.

Tien bladzijden verder kon ik niet meer lezen omdat het donker was geworden. Ik stond op en liep verder. Niet dat ik het dorp wilde aandoen, maar toch, een beschutte plaats vinden waar ik kon rusten.


Word vervolgd